DE STAAT VAN CULTUUR, NEDERLAND 2013

Ellen Loots Vizier Blog Leave a Comment

Door: Ellen Loots

Boekmanstichting, de onafhankelijke vinger aan de pols van het Nederlandse Cultuurbeleid, heeft een interessante publicatie uitgebracht, waarin ze op basis van uitgebreide cijferreeksen enkele belangwekkende trends in de kunsten en cultuur in kaart brengt. Tijdens de gelijknamige conferentie ‘De Staat van Cultuur’ op 9 december 2013, werd de publicatie –een cultuurindex van de cultuursector– voorgesteld. Vier kernthema’s vormen de rode draad van het boek. Deze zijn behoorlijk ‘Porteriaans’ (een korte introductie in ‘s mans werk: http://nl.wikipedia.org/wiki/Michael_Porter). Het gaat om capaciteit (aanbod), participatie, geldstromen en concurrenten. Aangezien Porter al langer tot de verplichte leerstof van de nieuwe generatie cultuurmanagers behoort, kijken we niet op van deze invalshoek. We willen kort enkele van de bevindingen delen, en u het boek aanraden wanneer uw nieuwsgierigheid gewekt is.

Wist u dat het culturele aanbod de jongste jaren toegenomen is? Zo stijgt bijvoorbeeld het aantal voorstellingen (capaciteit). Dit geldt niet alleen voor het gesubsidieerde podiumaanbod, maar ook voor voorstellingen uit het zogenaamde vrije circuit. Een vraag die zich dan opdringt, is of het hier dan gaat om concurrentie, of, zo men wil, om substituten voor het ‘klassieke’ cultuuraanbod? Of zijn we allemaal cultureel omnivoor geworden en versterken de beide elkaar? Gaan we de éne week met z’n allen naar degelijk repertoiretheater, en de volgende naar een remake van pakweg West-Side Story? Het antwoord moet ik, samen met de auteurs, schuldig blijven. Een volgende vaststelling, desondanks, niettegenstaande, of -vanuit de meest optimistische invalshoek- los van het verhoogde aanbod, neemt de cultuurparticipatie af. Meer aanbod, maar voor minder: een behoorlijke uitdaging voor de cultuurmanagers van vandaag en morgen, lijkt het zo.

Niet enkel de cultuurparticipatie zakt, ook de cultuurbeoefening neemt af. Met één uitzondering: Nederlanders hebben hun hart verloren aan zingen. Op relatief korte tijd zijn er enorm veel koren bijgekomen. Een kans voor de concertgebouwen en andere leveranciers van muziek? Niet meteen, want die koorlieden gaan niet naar muziek- of kooroptredens kijken… Waarom niet? Geen idee. Vallen ze te mobiliseren? Geen idee. Moet dat?

Nog een staaltje muziek: na ettelijke jaren van euforie lijkt de festivalgroei een plafond bereikt te hebben. Rock Herk, het zelfverklaarde oudste alternatief muziekfestival van België heeft zichzelf al in de etalage gezet: op ebay, voor 150.000EUR kunt u het overnemen. Voor die prijs hopelijk de 250.000 bezoekers inclusief (wees snel, http://www.benl.ebay.be/itm/121241814146?sspagename=strk:meselx:it&_trksid=p3984.m1558.l2649). Ook hier lijkt de concurrentie zijn tol te eisen. Zullen enkel de sterksten overleven? Of gaan er prijsdalingen voor de consument volgen, in de veronderstelling dat die bereid is voor minder geld naar meer optredens te gaan? En wie zal die kost (van gederfde inkomsten) dan dragen? De machtige internationale muziekindustrie waarschijnlijk niet.

Andere culturele sectoren doen het beter. De erfgoedsector lijkt te ‘boomen’. De verkoop van de Nederlandse museumjaarkaart is verdrievoudigd, en erfgoed trekt meer buitenlandse toeristen (we houden kritische kanttekeningen over lage kostmaatschappijen en emissies enzoverder achterwege). Boekenland geeft gemengde resultaten. Het aantal boeken neemt toe, met recent een verdubbeling van aantal uitgegeven titels. Wie wil lezen, heeft dus te lezen. Het aantal uitgevers is ook toegenomen (+ 59%), dus het ziet ernaar uit dat de boeken gaan blijven toestromen. Ook hier voelen we de globalisering van het aanbod: ondanks de boekenstijging, neemt het aantal Nederlandse titels af. We lijken met z’n allen internationale titels te verkiezen. Het aantal bibliotheken is gehalveerd. Wie wil lezen, moet dus op zoek gaan naar een openbare bibliotheek, of naar de winkel. Worden het boekenvak en de boekensector hoe langer hoe meer gecommercialiseerd?

Allesbehalve commercieel, zijn de gratis werkers. Het aantal vrijwilligers in Nederland neemt fors toe. En dat terwijl het betaalde werk in kunst en cultuur afneemt. Zit hierin een wisselwerking? Nemen de gratis werkkrachten het werk over? Of lossen ze een nood in? Wil dit zeggen dat we een sterker maatschappelijk draagvlak hebben voor kunst en cultuur? Tegelijkertijd is een explosieve groei in het aantal zzp’ers in de creatieve sectoren waar te nemen. Staan we voor een periode van nieuwe verdien- en werkmodellen, in gang gezet door een jonge generatie riskerende ondernemers met een voorkeur voor werk in een aantrekkelijke sector?

We lijken een periode te beleven van veel veranderingen. Het zijn dus boeiende tijden voor cultuuranalysten. De onderliggende oorzaken van deze transities werden door Boekman en partners in mindere mate onderzocht. Wat volkomen te begrijpen is, want ontzettend complex. De bezuinigende overheid zal waarschijnlijk wel een rol spelen. Maar ook globaliseringstendenzen, technologische evoluties, en smaak- en gebruikerspatronen die op korte tijd ingrijpend veranderd zijn.

Tot slot nog even meegeven dat er op die kille decemberdag veel aandacht uitging naar de “meerwaarde” van cultuur; dat de vaststelling gemaakt werd dat de cultuursector zelf  niet in staat lijkt een overtuigend antwoord te bieden op die kwestie. Dat we naar huis gingen met de indruk dat de cultuursector in een ‘legitimiteitscrisis’ zit. Opnieuw, dat we voor boeiende tijden lijken te staan.

Via de link http://www.boekman.nl/blog/verslag-lancering-cultuurindex-nederland is er meer terug te vinden over de degelijke en inspirerende publicatie van Boekmanstichting, SCP, Centraal Bureau voor de Statistiek, Erasmus Universiteit Rotterdam, e.a.

foto: http://dhost.info/stokstaart/uiterlijk.html

Title

Ellen LootsDE STAAT VAN CULTUUR, NEDERLAND 2013

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *